Hoe vaak heb je naar je je niet overweldigt gevoeld door je boekenvoorraad? Bovendien worden we gebombardeerd met steeds meer geschreven informatie in de vorm tijdschriften, rapporten, e-books, kranten en allerlei studies. De stroom leesvoer lijkt nooit te stoppen.
Hoe vaak heb je naar je je niet overweldigt gevoeld door je boekenvoorraad? Bovendien worden we gebombardeerd met steeds meer geschreven informatie in de vorm tijdschriften, rapporten, e-books, kranten en allerlei studies. De stroom leesvoer lijkt nooit te stoppen.
Al deze informatie heeft ervoor gezorgd dat snellezen een noodzaak is geworden voor degene die niet achter wil blijven. Sneller iets lezen en het vergroten van het bevattingsvermogen bij jezelf is eigenlijk een verplichting geworden voor de moderne mens.
Evelyn Wood heeft het snellees-concept al in 1959 ontwikkeld. Heden ten dage is er een grote hoeveelheid van verschillende soorten technieken beschikbaar voor een ieder die deze vaardigheid onder de knie wil krijgen. Er zijn cursussen, boeken, audio programma’s en computerlessen die tegemoetkomen aan iedere soort van leermogelijkheid op het gebied van snellezen. Gewoon een kwestie van googlen op de juiste zoekterm.
Toch is het wel handzaam om met vijf snelle stappen alvast je leessnelheid en opneemvermogen van teksten te vergroten:
1. Leesvoorbereiding – maak even tijd op een plek zonder veel afleiding. Nestel jezelf in een comfortabele stoel en kijk of je je kunt concentreren op een te lezen tekst. Als je merkt dat je dit moeite kost, sluit dan je ogen, en haal een paar keer diep adem. Als dat niet werkt en je wordt nog steeds afgeleid, stop dan met lezen. Probeer het een andere keer opnieuw.
2. Bekijk het te lezen materiaal eens goed. Vraag jezelf af waarom je juist dit boek leest. En vraag je ook af wat je van deze tekst kunt leren. Blijf altijd kritisch in je leeskeuze. Volg je interessegebieden zoveel mogelijk.
3. Lees altijd eerst het voorwoord en de eerste zin van ieder hoofdstuk of paragraaf. Probeer vast te stellen wat de kern van het te lezen stuk is, welke richting de draad van het verhaal opgaat. Vaak hoef je een bladzijde of enkele bladzijde niet eens te lezen omdat de eerste paar zinnen genoeg is voor wat gaat volgen. Je weet in feite al wat er gaat volgen, spring daarom snel van alinea naar alinea voor een korte check.
4. Lees zo actief als mogelijk. Dat betekent dat je de belangrijke gedeeltes onderstreept met potlood en desnoods hele tekstgedeelte markeert. Je moet erachter komen wat je wel en niet begrijpt van een tekst. Maak daar aantekeningen van.
5. Breng wat je leest in verband met wat je weet. Dat zal alles een samenhang geven en je helpen te onthouden wat je leest.
Conclusie. Snellezen is een vaardigheid die je je in de loop van de tijd kunt eigen maken. Al oefen je maar 15 minuten per dag dan zie je al resultaat
De noodzaak van snellezen.
Over de betrokkenheid van lezers?
Er zijn twee specifieke doelstellingen waar schrijvers naar streven als ze hun woorden toevertrouwen aan papier. Beide doelstellingen behelzen de interesse op te wekken van de lezer.
Over de betrokkenheid van lezers?
Er zijn twee specifieke doelstellingen waar schrijvers naar streven als ze hun woorden toevertrouwen aan het papier. Beide doelstellingen behelzen de interesse op te wekken van de lezer.
Bij het schrijven van fictie, wil de auteur dat de lezer zo diep opgaat in het verhaal, dat ze beiden zowel tevreden zijn als triest wanneer het verhaal eindigt.
Bij het schrijven van non-fictie brengt de schrijver de details van z'n onderwerp op een zodanige wijze met elkaar in verband dat de lezer geïnteresseerd raakt in het onderwerp en meer wil weten, dus leergierig wordt.
Actieve Deelname, is de term die het meest toepasbaar is voor het beginsel van lezerbetrokkenheid. Wanneer een consument een boek zoekt dan kijken ze naar dingen als de kaft, kleurenschema’s. Ze willen net genoeg informatie zodat ze in staat zijn hun keuze in minder dan 30 seconden te maken: kopen of niet kopen! Als de lezer eenmaal het boek in z’n handen heeft dan snakken ze er als het goed is naar om een actieve deelnemer in het werk te worden. Ze willen zich met de karakters identificeren en op- gaan in het verhaal. Ze willen desnoods tot diep in nacht wakker blijven, zichzelf verliezend in de wereld die de schrijver voor ze op papier zette. Ze willen gewoon weten of de schrijvers ze weet te overrompelen met z’n werk.
Het is mogelijk voor zowel Actieve Lezers als Actieve Kennisverzamelaars, om het geschreven woord met een aangeboren nieuwsgierigheid te benaderen. Als dit zo is dan is het merendeel van het werk, voor wat betreft lezen en of leren, al gebeurd.
Wanneer iemand een boek koopt met het idee dat de schrijver ervan indruk op hem moet maken, maar hij er ondertussen slechts op uit is om zwakheden in het verhaal te ontdekken, dan zullen ze nooit aan het echte lezen van een werk toekomen. Schrijvers moeten hun lezers over deze eerste drempel van argwaan heen zien te helpen. Hoe beter de schrijver, des te meer ze erin slagen van lezers actieve participanten te maken.
Voer voor lezers: over poëzie.
Er zijn veel vormen van dichtkunst. Sommige gedichten kun je het beste lezen, terwijl je andere beter kunt bekijken. En in de toekomst kunnen we er misschien aan toevoegen dat er gedichten zijn die je beter kunt voelen of op een andere manier ervaren dan ze te lezen.
Sommige mensen denken dat ‘goede poëzie’ moet rijmen, terwijl weer andere denken dat ‘goede’ poezie ‘spreekt’, door een heldere en duidelijke boodschap te geven. Anderen zien het liefst poezie die zich gedraagt als een duikplank die creatieve antwoorden lanceert bij de liefhebbers ervan. Maar hoe het ook ervaren wordt, poëzie is als mode gekleed in stijlen die haar liefhebbers bevallen of niet, met als gemeenschappelijke kenmerk dat alle poezie over communicatie gaat. Het laat onze ervaringen uitkomen, legt deze vast of laat juist dingen zien die nog niet eerder te zien waren, waardoor er bij de lezer of luisteraar een herkenning plaatsvindt.
De exploratie van beeldbeleving en boodschapoverbrenging als een artistieke vorm van communicatie kan een vervaging veroorzaken van de grenzen tussen poëzie en kunst, als we tenminste kunnen zeggen dat deze grenzen bestaan. We hebben worden gecreerd om iets als woordkunst, concrete poezie, visele poëzie, patroon poezie, visuele raadsels en puzzelpoëzie te kunnen benoemen.
Het concept van concrete poëzie en woordkunst is er al heel lang, hoewel de termen om het te definiëren als een vorm van kunst dat niet zijn. Het schijnt zo te zijn dat de term ‘concrete poëzie’ zich in de jaren vijftig begon te verspreiden, geholpen door een uitvoering van concrete poëzie en een manifest dat was gepubliceerd in Brazilië.
Als we sommige vormen van oude poëzie nader bekijken zouden we kunnen zien dat veel van die vormen hebben vertrouwd op het visuele aspect van de geschreven taal, maar meer recente vormen van poëzie worden onder meer toegeschreven aan Apollinaire, die in 1914 het kaligram introduceerde.
In visuele poëzie, wordt gespeeld met de juxtapositie van letters, geluiden en vormen (zie het gedicht liplezen). Het samenkomen van deze woorden, letters en vormen, brengen beelden, geluiden en boodschappen in iemands hoofd teweeg, die aangeduid kunnen worden met de kunst van de dichter, die meer maakt dan de som van de delen in een visuele communicatie.
Het sleutelelement in visuele poëzie is de object-aard ervan, dit tegenover het geluid dat de woorden maken. Maar er zijn ook dichters die grafische en fonetische ontdekkingen gebruiken bij het maken van poëzie die zowel gelezen als gezien moet worden:
Here/hair
is light
on
hair/here
as
light on
here/hair.
Voordrachtspoëzie vertrouwt op zowel visuele als orale communicatie. Het verschil is dat bepaalde aspecten van het gedicht zich in de dichter openbaren, meer dan in andere vormen van gepubliceerd materiaal.
Met de ontwikkeling van de communicatie technologie, kunnen we orale en visuele stimuli onder brengen in unieke stilstaande beelden of juist in geanimeerde artistieke uitdrukkingen. Hoe zullen we deze nieuwe vormen van kunst gaan noemen? We hebben al woorden als digitale kunst en nieuwe media om sommige kunstvormen mee aan te duiden. Maar communiceren degitale gedichten echt alles wat ze in zich dragen? We hebben de technologie om meer zintuiglijkheid in de dichterlijke vergelijking te brengen, aanraking bijvoorbeeld. Welke termen zullen we voor aanrakende, voelbare poëzie gebruiken… experimentele poëzie?
Links
Zoeken in deze blog
Categories
- belezenheid (1)
- boek publiceren (1)
- boeken (3)
- censuur (1)
- De Brakke Hond (1)
- De Literaire Gids (1)
- debuteren (1)
- Deus ex Machima (1)
- dichten (1)
- dichtkunst (1)
- e-reader (1)
- Ebooks (1)
- Forum (1)
- gedichten (2)
- genoten leesvoer (1)
- goede literatuur (2)
- informatie (1)
- Inhoud boeken (1)
- ipad (1)
- journalisten (1)
- Kladblok (1)
- kopen (1)
- kranten (1)
- leesbeurt (1)
- lezen (4)
- Lezers (2)
- literair (1)
- literair tijdschrift (1)
- literatuur (3)
- Noachs kat (1)
- online magazine (1)
- opvoeders (1)
- ouders (1)
- PEN (1)
- poezie (1)
- Revisor (1)
- roman (1)
- school (1)
- schrijven (1)
- schrijvers (2)
- studie (1)
- tijdschriften (1)
- toneelstuk (1)
- uitgeven (1)
- voordragen (1)